Op donderdag 5 juni arriveerden wij op camping Delphi. Na een fraaie rit reden we door het dorpje naar boven. De camping ligt vrij hoog en wij kregen een plaats, waarbij we vanuit de camper zelfs uitzicht hadden over het lager gelegen land en de golf van Korinthië. We konden onze stoelen en tafeltje tussen de neus van de camper en het hek neerzetten. De volgende dag maakten we gebruik van een transfer, die de camping aan haar gasten ter beschikking stelt. Voor een klein bedrag werden we heen en weer naar Delphi gebracht. Ik bezocht daar het museum en de archeologische vindplaatsen, die tegen de berghelling aanliggen. Pebbles mocht daar allemaal niet bij zijn. Men was zeker bang dat ze nog een oud botje zou opgraven. Het was echt interessant om de oude vondsten te bekijken. Ik zag restanten van de tempel van Apollo, waar in de kelder het orakel zich had bevonden. Deze plek en nog wat andere locaties waren niet te bezoeken, omdat daar recent waterschade was opgelopen. Ik heb het orakel dus niet kunnen bevragen. Helemaal boven lag nog een antiek stadion. Dat was best leuk om te zien. Je zou er nog kunnen sporten. Een oude man, die een foto wilde maken, ging op de rand staan, maar werd onmiddellijk tot de orde geroepen door een toezichthouder. Geloof maar dat de huidige Grieken goed letten op de restanten die de oude Grieken achter hebben gelaten. Wil en ik troffen elkaar weer in een leuke horeca in Delphi, waar we prettig lunchten, nog wat rondkeken en uiteindelijk met het busje weer naar de camping werden gebracht. O ja, Pebbles mocht wel mee in het busje, maar moest wel in de rugzak bij mij op schoot. Geen, probleem, kon ze met Wil lekker jurkjes en souvenirs kijken en wat drinken. Wil koffie en zij water. Ik heb op de camping nog lekker in het zwembad gelegen om af te koelen, inmiddels waren de temperaturen al flink gestegen in Griekenland. In de middag haalden we vaak met gemak 34 graden.
















