Dinkelsbühl is één van de plaatsjes die deel uitmaken van de Romantische strasse. Ik had daar veel drukte verwacht, maar dat viel best mee. De eerst gekozen camperplaats had nog ruimschoots plekken en we konden goed parkeren. Nadat we gesetteld waren, liepen we door de toegangspoort het stadje in. Binnen de oude stadsmuren staat er een hele grote kerk met daar omheen prachtige grote huizen. Die huizen zijn in verschillende kleuren gepleisterd en sommige zijn de echte vakwerkhuizen. Ook hier was het rustig, we waren nog vroeg en het was zondag. In ieder geval troffen we niet de verwachte toeristen massa. In de middag werd het wel wat drukker. De meeste winkels waren gesloten. Een kleine kruidenier was wel open en was gelijk de eerste tijdens onze reis waar alleen contant betaald kon worden. Twee fietstoeristen zagen we boodschappen doen, hadden geen contant bij zich en konden de boodschappen laten staan. Ik vond dat heel opmerkelijk in zo’n toeristenoord. Wil vond een soort Vlindermuseum, waar ook levende vlinders waren en ging daar naar binnen. Zij heeft echt wat met vlinders. Pebbles en ik bleven buiten lekker even wachten. Daarna bezochten we één van de stadspoorten, waar vrijwilligers, historisch gekleed, verhaalden over de heksenverbrandingen, die hier vroeger plaats hadden gevonden. Ook kon je er allerlei spelletjes spelen. Was een leuk initiatief, maar wij gingen liever verder kijken en wandelden langs de stadsmuur. Weer in de stad hadden we trek in koffie en gingen op een terrasje zitten. Waren we aangeland bij Vietnamese ondernemers. Die dachten dat we kwamen eten. Maar ze wilden dan toch wel koffie serveren, maar waren zichtbaar teleurgesteld. Wij eten kennelijk op heel andere tijden dan Duits publiek. Dat merkten we overigens wel vaker in de bezochte landen.










